Waar gaat het zondag over?

cyclus Bidden in de bijbel - 14 januari t/m 11 februari 2018

Inleiding

Tussen kerst en de vastentijd staan we dit jaar stil bij het thema ‘bidden in de bijbel’. In de Bijbel wordt op allerlei manieren gebeden, wordt het contact gezocht met God, en soms ook gevonden. In tijden van nood en van vreugde storten mensen hun hart uit bij de Eeuwige. Soms gaat dat gepaard met veel omhaal van woorden, soms kort en krachtig. De ene keer klinkt het gebed stamelend en zoekend, een andere keer gebruikmakend van oude woorden die ons doorgegeven zijn. Bidden als het zoeken van Gods aangezicht, in de hoop en het vermoeden dat die God naar ons om wil zien. En dat gebed kan ook ons eigen hart veranderen, ook wij kunnen geraakt worden en op een ander spoor gezet worden. Voor wie of wat bidden wij? Wat verwachten wij als we bidden? Hoe bidden we gezamenlijk in onze Janskerk, welke waarde en betekenis heeft dat? In deze cyclus horen we vijf heel verschillende Bijbelteksten over gebed, over onze omgang met de Bron van het Leven.

Zondag 14 januari 2018 m.m.v. Janskoor

Ik zal naar jullie luisteren

Voorganger Jasja Nottelman, m.m.v. het Janskoor
Jer 29,10-14

Op deze zondag horen we de woorden via de profeet Jeremia dat God zijn beloften gestand zal doen. De profeet Jeremia heeft ook andere ervaringen opgedaan, eerder is hem zelfs verboden door God om te bidden voor zijn volk. Nu is het lot van hen ten goede gekeerd. Niet voor eeuwig zullen ze ballingen zijn, God blijft zijn beloften, ondoorgrondelijk voor mensen, trouw. ‘Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk” klinkt het uit de mond van Godswege. ‘Jullie zullen mij aanroepen en tot mij bidden en Ik zal naar jullie luisteren”. God zelf roept ons op om te bidden, om ons hart open te stellen voor de roepstem van de Eeuwige, om te delen wat in ons omgaat. Durven we daarop te vertrouwen? Op die woorden “ik zal naar jullie luisteren”.

Zondag 21 januari 2018

Gebedsverhoring?!

Voorganger Joop Smit o.s.a.

2 kon 20:1-11

Een merkwaardig verhaal van Hizkia. Hij wordt dodelijk ziek en de profeet Jesaja komt naar hem toe met woorden van de Heer zelf: maak je testament op, want je sterft. Daarop begint Hizkia te bidden tot God: Hij smeekt de Heer om in aanmerking te nemen dat hij zich toch altijd oprecht gedragen heeft. Hij stort daarbij bittere tranen. Via de profeet Jesaja laat God weten dat hij Hizkia gezien en gehoord heeft, en zal genezen, ook al vroeg Hizkia daar niet expliciet om. Een moeilijk verhaal, dat allerlei vragen oproept over ziekte en genezing, over gebedsverhoring, over God die ingrijpt in de geschiedenis.

Zondag 28 januari 2018 m.m.v. Janskoor

Gods naam loven

Voorganger Johanneke Bosman m.m.v. het Janskoor

Psalm 145

In een cyclus over bidden mogen de psalmen natuurlijk niet ontbreken. 150 gebeden waarin alle facetten van het leven voorbijkomen: met grootse woorden, harde taal, met gevoel en passie voor wat een mens ter harte kan gaan tijdens zijn gang door het leven.  Woorden die mensen tot op vandaag zich eigen maken, met zich meedragen, mee op weg gaan. Een bijzondere plek daarbinnen nemen de lofpsalmen in, waarin God geloofd en gedankt wordt voor wie de Barmhartige is voor ons. Vandaag klinken de woorden van psalm 145, waarin zowel tot God als over God gezongen en gesproken wordt, die trouw blijkt te zijn, rechtvaardig, het verlangen vervult van alles wat leeft. Wat doen deze woorden met ons? Herkennen wij hierin iets van ons zoekend geloven naar wie God voor ons is? Wanneer zouden wij deze woorden kunnen zingen?

.

Zondag 4 februari 2018

Bidt zonder ophouden

Voorganger Harry Pals

1 Tess 5,12-22

Aan het einde van de eerste brief aan de Tessalonicenzen klinkt een hoop goede raad voor een leven in vrede met elkaar. Op allerlei manieren worden zij, en wij, aangespoord om altijd naar het goede te streven. Dat wordt concreet gemaakt: opkomen voor de zwakken, de moedelozen hoop te geven, alles te onderzoeken en het goede te behouden. Opmerkelijk is dat daartussen ook de oproep staat om ‘onophoudelijk te bidden en God dank te zeggen onder alle omstandigheden’. Wat heeft het bidden en dankzeggen te maken met het opkomen voor de zwakken en het moed inspreken van de moedelozen? Hoe kun je als mens onophoudelijk bidden en dankzeggen temidden van alle omstandigheden?

Zondag 11 februari 2018

Waakt en Bidt

Voorganger Jasja Nottelman, m.m.v. het Janskoor

Mattheus 26, 36-46

Jezus heeft zojuist het laatste avondmaal gevierd met zijn vrienden en weet wat hem te wachten zal staan de komende dagen. Het verraad van diezelfde vrienden, zijn gevangenneming verhoor dat uit zal lopen tot zijn dood aan het kruis. Op dit beslissende moment in zijn leven zoekt Jezus, zoals zo vaak, de stilte op om tot zijn Vader te bidden, dodelijk bedroefd. Hij vraagt Petrus en de twee zonen van Zebedeus om met hem te komen, en met hem te waken. Jezus wil bidden in verbondenheid met zijn vrienden. Zijn vrienden echter worden door slaap overmand, en Jezus bidt alleen, in alle eenzaamheid en wanhoop, tot driemaal toe. Welk proces maakt Jezus daar in verbondenheid met de Eeuwige door? Hij zal anders vertrekken uit de olijfgaard dan dat Hij daar binnenging.  Herkennen wie iets van die eenzaamheid en verbondenheid? Wat doet de oproep “waakt en bidt” met ons?

Cyclus ‘Met Paulus naar Pasen’ - van Aswoensdag 14 februari tot Paasmorgen 1 april 2018

Inleiding

Wij trekken dit jaar met Paulus naar Pasen toe, door de vastentijd heen. We horen elke zondag een passage uit een brief van Paulus.

Paulus is in de eerste eeuw van onze jaartelling de Middellandse Zee rondgetrokken, omdat hij hevig geraakt was door Jezus – en daar wilde hij overal van vertellen. Hij zag in de weg van Jezus een aanbod aan alle volken om samen te komen in nieuwe gemeenschappen. Hij nodigde zijn mede-Joden uit om over de grenzen van besnijdenis, shabbat en spijswetten heen te kijken en hun traditie beschikbaar te stellen aan de hele wereld. En hij nodigde die wereld uit om zich in te voegen bij het Joodse volk en de levensregels van dat volk om te zetten in een leven-in-liefde voor allen.

En daarbij geloofde Paulus hartstochtelijk dat Jezus, als de ware mens-van-God, de muur tussen Israel en de volken gesloopt had – en dus ook de muren tussen alle volken, tussen alle kenmerken die mensen van elkaar scheiden.

Paulus schreef brieven aan de eerste volgelingen van Jezus, om hen in de chaotische begintijd van de Jezusbeweging een richting te wijzen. De meeste van die gemeenten had hij zelf (mede) gesticht. Hij had dus steeds een persoonlijke boodschap, die per gemeente verschilde; elke systematisering van zijn brieven doet afbreuk aan de veelkleurigheid van mensen en situaties. Maar samenbindend is wel het unieke van de weg van Jezus, die de ware vrijheid en wijsheid van God belichaamde en aan ons allen voordeed, ter navolging in eendrachtigheid.

Op de grote vierdagen van Aswoensdag en in de Stille Week kan natuurlijk naast de passage uit Paulus’ brief ook het evangelie van de dag gelezen worden.

Een inspirerende hulp bij deze cyclus kan zijn het meditatieve boekje van de vroegere Anglicaanse aartsbisschop van Canterbury, Rowan Williams: ‘God ontmoeten in Paulus’ (Berne Media). Rowan Williams helpt ons om dichter bij de spiritualiteit van Paulus te komen. Het boek bevat voor elk van de 7 weken rond Pasen een leesrooster met daarbij een inspirerende tekst en gebed.

Op de maandagen 19 februari en 5 en 19 maart (20.00 – 21.30 u.) lezen we steeds samen een hoofdstuk van het boek, resp.: ‘Outsiders en insiders: de sociale wereld van Paulus’, ‘Een universeel welkom: het verontrustende idee van Paulus’ en ‘De nieuwe schepping: het christelijke universum van Paulus’. Begeleiding en opgave: Harry Pals.

ASwoensdag 14 februari 2018

Aswoensdag – De weg van Jezus meegaan

Voorganger: Johanneke Bosman
Lezing: II Korintiërs 5 : 17 – 6 : 10

Paulus was omstreden geraakt in de gemeente van Korinte. In zijn brieven aan hen doet hij een beroep op hen om de kern vast te houden. Hij omschrijft die kern hier als ‘de dienst van de verzoening’: het bij elkaar brengen van mensen en volken. Die dienst kan alleen geleverd worden als mensen samen de nederige weg van Jezus gaan. Daar horen alle ontberingen bij, die Paulus uit eigen ervaring kent en die hij opsomt – daarin ligt de ware levensrijkdom verscholen. Een passend begin van de vastentijd.

Zondag 18 februari 2018

Geraakt door Jezus

Voorganger: Thea Peereboom
Lezing: Handelingen 9 : 1-18

Paulus begint als jager op de volgelingen van Jezus, hij bouwde muren tussen binnen en buiten. Hij heet dan nog Saulus, naar de mislukte koning Saul uit het verhaal van Israel, die de messiaanse koning David vervolgt. De oude vraag: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ hoort deze Saulus nu als het ware uit de hemel, uit de mond van de opgestane Heer Jezus. En dan wordt hij door blindheid en vasten heen geleid naar een nieuw zicht. Zo wordt hij wereldwijd dienstbaar aan het verhaal van Jezus, zo wordt de oude Saulus Paulus. Hij bouwt nu i.p.v. muren bruggen.

Zondag 25 februari 2018

Alles relatief door Jezus

Voorganger: Harry Pals, m.m.v. het Janskoor
Lezing: Filippenzen 3 : 7-14

Als goedopgeleide Joodse man, met het Romeinse burgerschap in zijn bezit, had Paulus status en privileges. Maar dat interesseert hem niet meer, hij bestempelt dat als ‘vuilnis’ dat hij liever kwijt dan rijk is. Dat doet hij in het licht van het goede nieuws van Jezus Messias. Want die had al zijn voorrechten opgegeven om een mens onder de mensen te zijn, een dienaar van allen. Kunnen wij onze privileges als ‘verlies’ zien?

.

Zondag 4 maart 2018

Eenheid in openheid

Voorganger: Trees van Montfoort
Lezing: Efeziërs 2 : 11-22

Eenheid is relatief gemakkelijk als je je deuren sluit en hen die anders denken en doen buitensluit. Het is ook nogal gemakkelijk om iemand welkom te heten, als je afstand doet van je verlangen naar onderlinge eenheid. Paulus leeft en werkt in de spanning tussen eenheid en openheid. Hij zette zich in voor gemeenschappen, die verenigd zijn als één lichaam, maar die buitenstaanders verwelkomen. Hoe passen wij dit toe in onze gemeenschappen?

Zondag 11 maart 2018

Nieuwe vrijheid

Voorganger: Harry Pals, m.m.v. het Janskoor
Lezing: De brief aan Filemon 1-25

De boodschap van bevrijdende vrijheid is de kern van Paulus’ evangelie. In de samenleving van toen waarin het overgrote deel van de mensen onvrij was (slaaf of onderworpen aan Romeinse bezetting) is dit een explosieve boodschap. Paulus wordt hiermee geconfronteerd als hij een weggelopen slaaf opvangt: diens heer blijkt een ‘broeder-in-Christus’ te zijn. Wat nu? Paulus vraagt hem om zijn slaaf nieuw te ontvangen, nu als een vrij mens. Welke vormen van slavernij (her)kennen wij? En dan?

Zondag 18 maart 2018

Kosmische wijsheid

Voorganger: Johanneke Bosman
Lezing: Kolossenzen 1 : 12-20

De weg van Jezus – door dood en opstanding heen – reikt veel breder dan mijn persoonlijke leven. Het raakt aan alle verhoudingen tussen mensen, wereldwijd, het heeft zelfs effect op de hele kosmos. Paulus citeert een liturgisch lied over Christus, waarin een kosmische mystiek doorklinkt: alles is geschapen ‘in hem’, ‘door hem’, ‘tot hem’ – zo is hij afbeelding van de onzichtbare God. Door zijn kruis is die kosmos (heel het universum) goed terecht gekomen, verzoend met God. Voelen en voeden we de hoop die hiermee opgeroepen is?

Witte Donderdag 29 maart 2018

Voorganger: Jasja Nottelman, m.m.v. het Janskoor
Lezing: II Korintiërs 4 : 1-6

We keren terug naar Paulus’ tweede brief aan de Korintiërs (zie Aswoensdag), de gemeente waarmee hij nogal overhoop lag. Hij grijpt terug op de dienst die hem door God is opgedragen, waartoe God hem in staat stelt (3 : 5-6). Dan verwijst hij naar de bijzondere weg van Jezus (4 : 6): onaanzienlijk – maar in de verborgenheid ligt Gods lichtglans over zijn gezicht, voor wie het wil zien. Dat is een aangrijpend persoonlijk getuigenis van Paulus bij het verhaal van Witte Donderdag, rond de tafel van Jezus’ gave van zichzelf.

Goede Vrijdag 30 maart 2018

Voorganger: Johanneke Bosman, m.m.v. het Janskoor
Lezing: II Korintiërs 4 : 7-18

Weer neemt Paulus de Korintiërs mee naar de kern: dood en opstanding van Jezus. Die dragen alle volgelingen van hem met zich mee, daarvan leven zij. Paulus kent dat uit eigen ervaring, dat duidt hij steeds met enkele woorden aan. Zo betrekt hij heel het leven van de gemeente op Jezus. Binnen de viering van Goede Vrijdag kan dit brieffragment een verbinding vormen tussen het evangelie van Jezus’ kruisweg en ons leven.

Paaswake 31 maart 2018

Voorganger: Harry Pals, m.m.v. het Janskoor
Lezing: Romeinen 6 : 3-13

Dit briefgedeelte maakt vanouds deel uit van de doopgedachtenis in de Paasnacht. Door de doop zijn wij verbonden met de weg van Jezus door de dood heen, nieuw levende mensen geworden. Dat weten jullie toch wel?, vraagt Paulus indringend aan de hem nog onbekende gemeente te Rome. De dood in ons leven (‘zonde’) heeft geen macht meer over volgelingen van Jezus. We zijn vrij voor een leven in dienst van de gerechtigheid. Dat is de vrolijke boodschap van de Paasnacht. Daar lopen alle lezingen van het bevrijdingsverhaal van Israel en Jezus op uit.

Paasmorgen 1 april 2018

Voorganger: Jasja Nottelman, m.m.v. het Janskoor
Lezing: I Korintiërs 15 : 1-10

Paulus wordt hier getuige van de opstanding. Hij geeft door wat hem is doorgegeven, de traditie waarin hij staat. Hij sluit achteraan in de rij, als de minste, omdat hij begon als vervolger van de gemeente van Jezus. Maar nu heeft hij deel aan het gezamenlijke geloofsvertrouwen: dat de dood in het leven door Jezus te niet is gedaan. Een bijzonder Paasevangelie voor deze Paaszondag.